ECLI:NL:RBROT:2009:BJ5715
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid vervoerder voor ladingschade tabak door temperatuuroverschrijding tijdens zeevervoer
In deze zaak gaat het om ladingschade aan bobbins met tabak die van Colombo, Sri Lanka, naar Rotterdam en vervolgens over de weg naar België en Duitsland zijn vervoerd. De vervoerder werd aangesproken door de gesubrogeerde verzekeraar ABN AMRO voor vergoeding van de schade veroorzaakt door het niet naleven van de temperatuurinstructie, die was vastgesteld op -10°C.
De rechtbank heeft uitgebreid bewijs beoordeeld, waaronder getuigenverklaringen, deskundigenrapporten en temperatuurregistraties van de container. Uit het bewijs blijkt dat de temperatuur tijdens het zeevervoer ruim +18°C bedroeg, wat aanzienlijk hoger is dan de overeengekomen -10°C. Dit leidde tot rotting van de tabak, bevestigd door de geur en het schadebeeld. De lading verkeerde bij inontvangstname door de vervoerder in gezonde en vervoersgeschikte staat.
De schade is volgens de rechtbank tijdens het zeevervoer ontstaan, niet tijdens het wegvervoer. De vervoerder heeft zich beroepen op een aansprakelijkheidsbeperking volgens de Hague Rules, welke de rechtbank bevestigde op GBP 55.900,-. Daarnaast is de zaak verwezen voor nadere uitlating over het toepasselijke recht voor vergoeding van bijkomende kosten en rente.
Uitkomst: De vervoerder is aansprakelijk voor ladingschade door temperatuuroverschrijding tijdens het zeevervoer, met een aansprakelijkheidsbeperking tot GBP 55.900,-.