ECLI:NL:RBROT:2009:BK7068
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot ontbinding arbeidsovereenkomst wegens reorganisatie
De werknemer is sinds 1985 in dienst van Careyn en vervulde de functie van Sociaal Beheerder. Door een val was zij sinds juli 2009 arbeidsongeschikt. Haar functie bij Woonzorg kwam te vervallen door opzegging van Woonzorg, wat samenvalt met een reorganisatie bij Careyn waarbij 110 fte moesten verdwijnen.
Careyn verzocht de arbeidsovereenkomst te ontbinden wegens reorganisatie en bood de werknemer een wachtgeldregeling aan conform de CAO. De werknemer betwistte dat de reorganisatie op haar van toepassing was en stelde dat Careyn onvoldoende had gedaan om haar te herplaatsen, mede omdat zij niet de mogelijkheid had gekregen om aan veranderde opleidingseisen te voldoen.
De kantonrechter oordeelde dat onvoldoende is aangetoond dat de reorganisatie op de werknemer van toepassing was, mede omdat zij gedetacheerd was bij een derde en de opzegging van Woonzorg eerder plaatsvond dan de reorganisatie. Tevens was de werkgever onvoldoende serieus in het zoeken naar herplaatsing, zoals blijkt uit het gedetailleerde overzicht van de werknemer en het wisselen van mobiliteitsadviseurs.
Ook vond de kantonrechter de argumentatie dat de werknemer niet herplaatsbaar zou zijn vanwege opleidingseisen onbevredigend, omdat de werkgever had moeten zorgen voor bijscholing. De aangeboden vergoeding werd als onvoldoende passend beoordeeld gezien het lange dienstverband, leeftijd en beperkte kansen op de arbeidsmarkt.
De kantonrechter wees het verzoek tot ontbinding af en veroordeelde Careyn in de proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wordt afgewezen wegens onvoldoende aannemelijkheid van de reorganisatie en onvoldoende herplaatsingsinspanningen door de werkgever.