ECLI:NL:RBROT:2010:BL1442
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot wraking rechter-commissaris niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken behandeling strafzaak
Op 19 januari 2010 diende de raadsman van verzoeker een wrakingsverzoek in tegen de rechter-commissaris tijdens een getuigenverhoor in de strafzaak tegen een mede-verdachte. De rechtbank heeft het strafdossier bestudeerd, waaronder het proces-verbaal van de zitting op 3 november 2009 en een brief van 4 januari 2010 waarin de planning van de getuigenverhoren werd meegedeeld.
De rechtbank oordeelde dat de rechter-commissaris op het moment van het wrakingsverzoek enkel bezig was met het horen van getuigen in de zaak tegen de mede-verdachte en niet met de zaak tegen verzoeker. Hierdoor was er geen sprake van behandeling van de strafzaak tegen verzoeker door de rechter-commissaris zoals bedoeld in artikel 512 Sv Pro. Tevens was het wrakingsverzoek niet tijdig ingediend, aangezien verzoeker pas op de dag van het getuigenverhoor het verzoek indiende terwijl hij eerder op de hoogte was gesteld.
De rechtbank wees het wrakingsverzoek af en benadrukte dat een duidelijkere formulering van verwijzingen naar de rechter-commissaris wenselijk is om toekomstige onduidelijkheden te voorkomen. De beslissing werd uitgesproken door de meervoudige kamer van de rechtbank Rotterdam op 27 januari 2010.
Uitkomst: Verzoeker is niet-ontvankelijk verklaard in zijn wrakingsverzoek tegen de rechter-commissaris.