ECLI:NL:RBROT:2010:BL9405
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuurdersaansprakelijkheid wegens leeghalen vennootschap en benadeling werknemer
De zaak betreft een voormalige werknemer die een vordering had op zijn werkgever, een vennootschap (HDL), wegens onregelmatig ontslag en andere arbeidsrechtelijke claims. Na verkoop van de aandelen van HDL aan een derde partij werd de onderneming feitelijk overgeheveld naar een andere vennootschap (A tot Z Service), eveneens bestuurd door dezelfde bestuurders.
De werknemer stelt dat door deze overdracht de oorspronkelijke vennootschap is leeggehaald, waardoor zijn vordering onbetaald en onverhaalbaar is gebleven. De bestuurders worden aansprakelijk gesteld wegens het bewerkstelligen van deze situatie, wat neerkomt op een onrechtmatige daad jegens de werknemer.
De rechtbank stelt vast dat de activiteiten en personeel grotendeels zijn overgegaan naar de nieuwe vennootschap, dat de oorspronkelijke onderneming is uitgeschreven uit het handelsregister en dat de oorspronkelijke vennootschap haar verplichtingen niet meer kan nakomen. Dit leidt tot een vermoeden van onrechtmatig handelen door de bestuurders.
De bestuurders krijgen de gelegenheid om tegenbewijs te leveren om dit vermoeden te ontzenuwen. Indien zij daarin niet slagen, zullen zij aansprakelijk worden gehouden voor de schade van de werknemer, bestaande uit de door de kantonrechter toegewezen vordering en wettelijke rente.
De rechtbank houdt verdere beslissingen aan in afwachting van de bewijslevering door de bestuurders.
Uitkomst: De bestuurders worden in de gelegenheid gesteld tegenbewijs te leveren omtrent het leeghalen van de vennootschap; verdere beslissing wordt aangehouden.