ECLI:NL:RBROT:2010:BM0017
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.J.J. Wetzels
- L.A.C. van Nifterick
- P.H. Veling
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek rechter-commissaris in strafzaak strandrellen Hoek van Holland
In de strafzaak tegen verzoeker, verdachte van opruiing tijdens de strandrellen in Hoek van Holland, heeft de raadsman een wrakingsverzoek ingediend tegen de rechter-commissaris. Dit verzoek volgde op het beletten van vragen aan twee agent-getuigen over hun status als verdachte en eventuele disciplinaire maatregelen.
De verdediging stelde dat deze informatie relevant was voor de betrouwbaarheid van de getuigenverklaringen en dat het beletten van deze vragen wijst op vooringenomenheid van de rechter-commissaris. De officier van justitie betwistte de juistheid van de door de verdediging genoemde toezeggingen en vond dat het beantwoorden van deze vragen de privacy van de getuigen zou schenden zonder belang voor de strafvordering.
De rechtbank overwoog dat een rechter onpartijdig moet worden vermoed tenzij er zwaarwegende aanwijzingen zijn voor vooringenomenheid. De rechtbank kon niet vaststellen of de voorzitter van de strafkamer de door de verdediging genoemde toezeggingen had gedaan, omdat dit niet in het proces-verbaal stond. Het beletten van de vragen aan de getuigen vormde geen objectieve of subjectieve reden om vooringenomenheid aan te nemen.
Daarom verklaarde de rechtbank het wrakingsverzoek ongegrond en wees het af. Hiermee blijft de rechter-commissaris bevoegd om de strafzaak te behandelen.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter-commissaris is afgewezen wegens gebrek aan aanwijzingen voor vooringenomenheid.