ECLI:NL:RBROT:2010:BN3753
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging overeenkomst opdracht door Gemeente Rotterdam wegens medewerking aan Press TV niet onrechtmatig
In deze zaak stond centraal of de Gemeente Rotterdam schadeplichtig is geworden door de wijze waarop zij de overeenkomst van opdracht met eiser heeft beëindigd vanwege zijn werkzaamheden voor de Iraanse zender Press TV. Eiser vervulde een gasthoogleraarschap en leverde een bijdrage aan een gemeentelijk programma, maar kwam in opspraak door zijn rol bij Press TV, wat leidde tot maatschappelijke commotie.
De Gemeente stelde dat de opzegging van de overeenkomst was gebaseerd op fundamentele overwegingen ('fundamental considerations') en dat zij de contractuele opzegtermijn in acht had genomen. Eiser betoogde dat de opzegging onrechtmatig was, omdat hij niet vooraf was gehoord en omdat de Gemeente zich onjuist had uitgelaten in de media.
De rechtbank oordeelde dat de opzegging rechtsgeldig was, omdat de maatschappelijke onrust en het uitblijven van een snelle oplossing voor de Gemeente een zwaarwegende reden vormden. De Gemeente had voldoende contactpogingen gedaan en uit de verklaringen van eiser kon worden afgeleid dat hij op korte termijn geen andere houding zou aannemen. Ook was er geen sprake van onrechtmatig handelen of onheuse uitlatingen in de pers. De vorderingen van eiser werden afgewezen en hij werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van eiser af en oordeelt dat de Gemeente de overeenkomst rechtsgeldig heeft beëindigd zonder onrechtmatig te handelen.