ECLI:NL:RBROT:2010:BO2905
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet tijdig beslissen op verzoek om planschade en afwijzing planschadevergoeding
Eiser diende op 6 augustus 2008 een verzoek om planschadevergoeding in bij het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam. Verweerder besloot niet tijdig op dit verzoek, waarop eiser op 3 februari 2009 ingebreke stelde. Verweerder stelde dat de beslistermijn pas begon te lopen na ontvangst van het advies van de planschadeadviseur SAOZ, maar de rechtbank verwierp dit standpunt omdat de Planschaderegeling 2005 geen wettelijke beslistermijn bevat voor het gehele proces.
De rechtbank oordeelde dat verweerder de beslistermijn had overschreden en daarom een dwangsom van €1.260,- verbeurde. Vervolgens werd het verzoek om planschadevergoeding inhoudelijk beoordeeld. SAOZ had geconcludeerd dat de wijziging van het bestemmingsplan geen nadelige effecten had die tot vergoeding leidden, mede gelet op de binnenstedelijke situatie en de planologische vergelijkingen.
Eiser voerde aan dat het advies onjuist en innerlijk tegenstrijdig was, met name over privacy en waardevermindering, maar kon dit niet aannemelijk maken met deskundig tegenadvies. De rechtbank vond dat verweerder terecht het SAOZ-advies had gevolgd en het bezwaar ongegrond had verklaard. Het beroep tegen het niet tijdig beslissen werd gegrond verklaard en het besluit vernietigd, het beroep tegen de afwijzing van de planschadevergoeding werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen niet tijdig beslissen wordt gegrond verklaard met vernietiging van het besluit en vaststelling van een dwangsom; het beroep tegen de afwijzing van planschadevergoeding wordt ongegrond verklaard.