ECLI:NL:RBROT:2010:BO5118
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- T. Damsteegt
- L.A.C. van Nifterick
- D. Haan
- Rechtspraak.nl
Recht op kinderopvangtoeslag bij gastouderopvang en verantwoordelijkheid verklaring omtrent gedrag
Eiseres vroeg kinderopvangtoeslag aan voor het jaar 2008 vanaf 1 januari 2008. De Belastingdienst kende een voorschot toe, maar herzag dit naar 14 april 2008 omdat de verklaring omtrent gedrag van de gastouder pas vanaf die datum was overlegd. Eiseres maakte bezwaar tegen deze herziening, waarna de Belastingdienst het voorschot alsnog vanaf 1 april 2008 toewees.
De rechtbank overwoog dat het niet aan de Belastingdienst of de ouder is om te controleren of de gastouder beschikt over een verklaring omtrent gedrag. Deze verantwoordelijkheid ligt bij het geregistreerde gastouderbureau, dat onder toezicht staat van het college van burgemeester en wethouders. De Belastingdienst heeft slechts een uitvoerende taak met betrekking tot administratieve en financiële aspecten.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit wegens strijd met de wet, maar liet de rechtsgevolgen in stand omdat de schriftelijke overeenkomst met het gastouderbureau pas vanaf 14 april 2008 bestond. De rechtbank veroordeelde de Belastingdienst tot vergoeding van het griffierecht en proceskosten aan eiseres.
Uitkomst: Het voorschot kinderopvangtoeslag wordt toegekend vanaf 1 april 2008 en de Belastingdienst hoeft niet te controleren op de verklaring omtrent gedrag van gastouders.