ECLI:NL:RBROT:2010:BQ0527
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- T. Damsteegt
- L.A.C. van Nifterick
- D. Haan
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit kinderopvangtoeslag wegens onjuiste toepassing verklaring omtrent gedrag
Eiseres maakte bezwaar tegen het besluit van de Belastingdienst/Toeslagen om het voorschot kinderopvangtoeslag voor de jaren 2008 en 2009 op nihil te stellen. De Belastingdienst stelde dit omdat eiseres geen verklaring omtrent het gedrag (VOG) van haar gastouder had overgelegd.
De rechtbank oordeelde dat het niet aan de Belastingdienst of de ouder is om te controleren of de gastouder beschikt over een VOG. Dit toezicht ligt bij het gastouderbureau en het college van burgemeester en wethouders. Daarom mocht de Belastingdienst aan het ontbreken van een VOG geen consequenties verbinden.
Het bezwaar tegen het besluit van 28 mei 2009 werd niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding. Het geschil bleef daarmee beperkt tot het jaar 2008. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit voor zover het betrekking had op 2008 en bepaalde dat de Belastingdienst een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van deze uitspraak.
Verder oordeelde de rechtbank dat recht op kinderopvangtoeslag alleen bestaat vanaf de datum waarop een schriftelijke overeenkomst met het gastouderbureau is gesloten. De Belastingdienst mag deze overeenkomsten controleren en daaraan gevolgen verbinden. De rechtbank veroordeelde de Belastingdienst tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd voor 2008 en het bezwaar tegen het besluit van 28 mei 2009 wordt niet-ontvankelijk verklaard.