ECLI:NL:RBROT:2011:BQ7612
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bezwaarschrift tegen boetebesluit geacht tijdig te zijn ingediend ondanks ontbreken expliciete bezwaarverklaring
Eiseres ontving een boetebesluit van 28 april 2010 van de Onafhankelijke Post en Telecommunicatie Autoriteit wegens overtreding van de Telecommunicatiewet. Verweerder vroeg om vertrouwelijke informatie met betrekking tot het besluit, waarop eiseres op 7 mei 2010 reageerde met een brief waarin het besluit 'evident onrechtmatig' werd genoemd en werd aangegeven dat alle rechtsmiddelen zouden worden aangewend. Hoewel in deze brief niet expliciet bezwaar werd gemaakt, stelde eiseres later dat deze brief als bezwaarschrift moest worden beschouwd.
Verweerder verklaarde het bezwaar op 6 oktober 2010 niet-ontvankelijk omdat niet aan de eisen van artikel 6:5 Awb Pro was voldaan. Eiseres stelde beroep in tegen deze beslissing. De rechtbank oordeelde dat uit de brief van 7 mei 2010 duidelijk blijkt dat eiseres zich niet kon verenigen met het boetebesluit en dat de brief daarom als tijdig ingediend bezwaarschrift moet worden gezien, ook al ontbraken formele gronden in het bezwaar. Het beroep werd gegrond verklaard en het besluit van 6 oktober 2010 vernietigd.
De rechtbank veroordeelde verweerder tevens in de proceskosten en bepaalde dat verweerder een nieuw besluit op het bezwaar moet nemen met inachtneming van de uitspraak. Ook werd verweerder verplicht het betaalde griffierecht aan eiseres te vergoeden.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en vernietigt het besluit dat het bezwaar niet-ontvankelijk verklaarde.