ECLI:NL:RBROT:2011:BS1075
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- T. Damsteegt
- L.A.C. van Nifterick
- D. Haan
- Rechtspraak.nl
VEB niet toegelaten als partij in beroepszaken tegen boeteoplegging AFM aan Fortis
De Vereniging VEB NCVB verzocht de rechtbank Rotterdam om haar toe te laten als partij in lopende beroepszaken tegen boeteopleggingen door de Autoriteit Financiële Markten (AFM) aan Fortis. De boetes betroffen elk €144.000 wegens overtreding van de Wet op het financieel toezicht. De rechtbank oordeelde dat VEB niet als belanghebbende kan worden aangemerkt omdat haar belang niet rechtstreeks bij de bestreden besluiten is betrokken.
De rechtbank overwoog dat een civiele rechter bij eventuele vorderingen van VEB tegen de eisers niet gebonden is aan het oordeel van de bestuursrechter in deze bestuursrechtelijke procedures, waardoor het belang van VEB niet rechtstreeks is. Ook de algemene en collectieve belangen die VEB behartigt, bieden geen grond voor toelating als partij. Het verzoek van VEB aan AFM om handhaving te starten, en de toelichting van haar belang gebaseerd op eerdere zaken, veranderde dit oordeel niet.
De rechtbank besloot daarom VEB niet toe te laten als partij in de beroepsprocedures. Tegen deze beslissing kan alleen beroep worden ingesteld samen met hoger beroep tegen de uiteindelijke uitspraak in de zaak.
Uitkomst: VEB wordt niet toegelaten als partij in de beroepsprocedures tegen de boeteopleggingen door AFM.