ECLI:NL:RBROT:2011:BT2474
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering schadevergoeding dooischade onder transportgoederenverzekering CIF-verkoper
Oriënt, verzekeringnemer onder een Open Cover goederenverzekering, vorderde vergoeding van dooischade aan vier partijen diepgevroren rundvlees die zij had gekocht in Brazilië en verkocht onder het CIF-leveringsbeding aan Faragalla in Egypte. De dooischade werd vastgesteld bij aankomst in Alexandria, waarna Faragalla de beschadigde partijen niet afnam en niet betaalde. Oriënt stelde dat zij de financiële gevolgen van de schade droeg en vorderde vergoeding van Assuradeuren, de verzekeraars.
De rechtbank oordeelde dat het toepasselijke recht Nederlands recht is en dat onder de polisvoorwaarden alleen dekking bestaat voor risico's die de named Assured draagt. Volgens het CIF-leveringsbeding gaat het risico van verlies of beschadiging over op de koper bij inlading in het zeeschip in Brazilië. Dooischade die vóór of na inlading ontstond valt daarmee buiten het risico van Oriënt. Ook de regeling tussen Oriënt en Faragalla waarbij Faragalla de beschadigde partijen behield en korting kreeg, leidde niet tot herleving van het risico van Oriënt.
Verder kon Oriënt geen rechten geldend maken als cessionaris van Faragalla of als rechtsopvolger van de Bank, omdat Faragalla en de Bank geen onder de verzekering gedekt risico meer liepen na de regeling. De vorderingen werden daarom afgewezen en Oriënt werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vorderingen van Oriënt tot vergoeding van dooischade onder de transportgoederenverzekering worden afgewezen.