ECLI:NL:RBROT:2012:BV2073
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.H. Veling
- A.N. van Zelm van Eldik
- W.P. Sprenger
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechter wegens vermeende vooringenomenheid en procedurele klachten
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen een rechter van de rechtbank Rotterdam, stellende dat de rechter niet objectief en onpartijdig zou zijn. Hij voerde aan dat de rechter contact had met de stiefmoeder van de aangeefster buiten de zitting om, stukken zou weren en een persoonlijke kruistocht met racistische insteek zou voeren.
De rechtbank onderzocht het verzoek en concludeerde dat geen bewijs was voor contact tussen de rechter en de stiefmoeder, dat het niet noemen van een eerdere zitting geen grond voor wraking vormde en dat het weigeren van brieven niet duidde op vooringenomenheid. Ook de plaatsing in het Pieter Baan Centrum was volgens de rechtbank correct verlopen.
De rechtbank oordeelde dat de rechter onpartijdig was en dat de vermeende vooringenomenheid niet aannemelijk was gemaakt. Het wrakingsverzoek werd daarom afgewezen. De beslissing werd uitgesproken door een meervoudige kamer, waarbij de voorzitter en twee rechters tekenden.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter is afgewezen wegens gebrek aan feitelijke grondslag.