ECLI:NL:RBROT:2012:BV6778
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid vordering tot vernietiging hypotheekakte wegens gezag van gewijsde
Eiser vordert de vernietiging van een onderhandse akte en een hypotheekakte die eerder onderwerp van geschil waren in een procedure bij het gerechtshof 's-Gravenhage. In die procedure heeft het hof geoordeeld dat de hypotheek rechtsgeldig is gevestigd, en dit arrest is in kracht van gewijsde gegaan. Gedaagden beroepen zich op het gezag van gewijsde van dat arrest.
De rechtbank stelt vast dat het arrest van het hof niet alleen het dictum, maar ook de dragende overwegingen bindend zijn voor de huidige procedure. De vordering van eiser betreft dezelfde rechtsbetrekking als in de eerdere procedure, namelijk de rechten en verplichtingen voortvloeiend uit de geldlening en de hypotheek op de panden. Het feit dat eiser nu andere juridische conclusies verbindt aan dezelfde rechtsbetrekking doet hieraan niet af.
De rechtbank oordeelt dat de vordering van eiser stuit op het gezag van gewijsde en verklaart hem niet-ontvankelijk. Tevens wordt eiser veroordeeld in de proceskosten van gedaagden.
Uitkomst: Eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn vordering tot vernietiging van de hypotheekakte wegens het gezag van gewijsde van het arrest van het hof.