ECLI:NL:RBROT:2012:BV8001
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid en verjaring bij geweldsmisdrijf met schietincident
Eiser vordert vergoeding van materiële en immateriële schade wegens een geweldsmisdrijf waarbij gedaagde op eiser heeft geschoten. Gedaagde is strafrechtelijk veroordeeld voor poging tot doodslag. Bij verstek is gedaagde aansprakelijk gesteld en veroordeeld tot schadevergoeding.
Gedaagde voert verzet aan met het verweer dat de vordering verjaard is en dat de verstekdagvaarding onjuist openbaar is betekend terwijl zijn woon- of verblijfplaats bekend was. De rechtbank oordeelt dat eiser onvoldoende heeft gesteld dat de vordering verjaard is op de datum van de verstekdagvaarding, mede omdat eiser niet bekend was met de identiteit van gedaagde direct na het incident.
De rechtbank benadrukt dat openbare betekening alleen is toegestaan indien de woon- of verblijfplaats onbekend is en dat een onjuiste openbare betekening nietig kan zijn als dit onredelijk nadeel veroorzaakt. Omdat gedaagde stelt dat zijn woon- of verblijfplaats bekend was, moet eiser nader toelichten welk onderzoek hij heeft gedaan om deze te achterhalen. De beslissing wordt aangehouden voor nadere stukken hierover.
Uitkomst: Beslissing aangehouden voor nader onderzoek naar betekening en verjaring.