ECLI:NL:RBROT:2012:BW1434
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Indirecte bestuurders aansprakelijk voor niet betaalde pensioenpremies door personenvervoerbedrijf
IJsselsteden Personenvervoer, een bedrijf actief in personenvervoer, was verplicht deel te nemen aan het bedrijfstakpensioenfonds BPF Vervoer. Over 2009 heeft IJsselsteden Personenvervoer geen pensioenpremies betaald en ook geen tijdige melding van betalingsonmacht gedaan, terwijl dit volgens de Wet BPF 2000 verplicht was binnen veertien dagen na het moment van betaling.
De indirecte bestuurders van IJsselsteden Personenvervoer, [gedaagde 1] en [gedaagde 2], werden door BPF Vervoer aansprakelijk gesteld voor de niet betaalde premies. Zij voerden aan dat de premienota’s te hoog waren en dat het systeem van BPF Vervoer niet goed werkte, waardoor zij niet konden reageren. Ook stelden zij dat er geen sprake was van betalingsonmacht maar van niet willen betalen.
De rechtbank oordeelde dat de bestuurders wisten dat er een materiële premieschuld bestond van minimaal € 96.444,55 en dat zij gehouden waren deze te betalen. Het verweer dat er geen betalingsonmacht was, werd verworpen op basis van feiten en jurisprudentie. De bestuurders hadden tijdig melding moeten doen van betalingsonmacht, ook bij tijdelijke betalingsproblemen. Omdat zij dit niet deden, werd vermoed dat de niet-betaling aan hen te wijten was en werden zij hoofdelijk aansprakelijk gesteld.
De rechtbank veroordeelde de bestuurders tot betaling van het bedrag van € 96.444,55, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 1 december 2009, en tot vergoeding van de proceskosten. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De indirecte bestuurders worden hoofdelijk veroordeeld tot betaling van € 96.444,55 plus rente en proceskosten wegens niet betaalde pensioenpremies.