ECLI:NL:RBROT:2012:BX2370
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.F.L.M. van der Grinten
- L.A.C. van Nifterick
- H. van Lokven-Van der Meer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek rechter-commissaris wegens vermeende vooringenomenheid
Verzoeker, verdachte in een strafzaak wegens poging tot doodslag of zwaar lichamelijk letsel, diende een wrakingsverzoek in tegen de rechter-commissaris vanwege diens beslissing om een andere deskundige te benoemen dan de door de verdediging voorgestelde voor contra-expertise.
De verdediging stelde dat de rechter-commissaris onzorgvuldig en onpartijdig handelde door niet de gewenste deskundige te benoemen en onvoldoende te motiveren. De rechter-commissaris motiveerde haar beslissing met het belang van een onpartijdig onderzoek zonder voorkennis, ondanks dat er feitelijk geen sprake was van voorkennis.
De wrakingskamer oordeelde dat een onwelgevallige beslissing op zich geen wrakingsgrond is en dat geen zwaarwegende aanwijzingen voor vooringenomenheid aanwezig zijn. De motivering, hoewel niet volledig dragend, was begrijpelijk en gericht op het waarborgen van objectiviteit.
Daarom werd het wrakingsverzoek afgewezen en bleef de benoeming van de door de rechter-commissaris aangewezen deskundige in stand.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter-commissaris wordt afgewezen wegens gebrek aan aanwijzingen voor vooringenomenheid.