ECLI:NL:RBROT:2012:BY2646
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging ontslag bestuurder wegens niet-naleving statutaire procedure
De eiser trad in februari 2011 in dienst als Managing Director en statutair bestuurder van OPDR Netherlands Agencies B.V. Op 28 februari 2012 werd hij ontslagen door de algemene vergadering van aandeelhouders (ava). Hij stelde dat het ontslagbesluit nietig was wegens niet-naleving van artikel 14 lid 3 van Pro de statuten, dat vereist dat een bestuurder zich in de ava moet verantwoorden.
OPDR stelde dat het ontslag rechtsgeldig was genomen buiten vergadering conform artikel 21 van Pro de statuten en dat de eiser de gelegenheid had gekregen zijn visie schriftelijk kenbaar te maken. De rechtbank oordeelde dat artikel 14 lid 3 een Pro bijzondere regeling is die voorrang heeft op artikel 21 en Pro dat schriftelijke reactie niet gelijkstaat aan verantwoording in een vergadering.
De rechtbank concludeerde dat OPDR de statutaire procedure niet had gevolgd en vernietigde het ontslagbesluit. De arbeidsovereenkomst bleef na 1 juli 2012 voortduren tot 1 november 2012, waarna deze voorwaardelijk werd ontbonden. OPDR werd veroordeeld tot betaling van salaris, vakantiegeld, wettelijke verhoging en buitengerechtelijke kosten over deze periode, evenals proceskosten.
Uitkomst: Het ontslagbesluit van 28 februari 2012 wordt vernietigd en OPDR moet salaris en kosten betalen tot 1 november 2012.