ECLI:NL:RBROT:2012:CA1214
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.G.L. de Vette
- Rechtspraak.nl
Intrekking en herziening bijstandsuitkering wegens gezamenlijke huishouding ondanks gescheiden woningen
Eisers ontvingen beiden een bijstandsuitkering berekend naar de norm voor alleenstaande ouder, terwijl verweerder stelde dat zij een gezamenlijke huishouding voeren in twee naast elkaar gelegen woningen met doorgebroken tussenmuren, waardoor zij slechts recht hebben op één uitkering volgens de gehuwdennorm.
Verweerder voerde een huisbezoek uit zonder dat eiser 'informed consent' had gegeven, wat een inbreuk op het huisrecht opleverde. Desondanks was er een redelijke grond voor het huisbezoek, waardoor de waarnemingen tijdens het bezoek aan de besluitvorming konden worden toegerekend.
De rechtbank stelde vast dat de feitelijke woonsituatie doorslaggevend is en dat het bestaan van twee huurovereenkomsten en aparte nutsvoorzieningen niet tegen een gezamenlijke huishouding spreekt. Eisers hadden de gezamenlijke huishouding niet gemeld, wat een schending van de inlichtingenplicht vormt.
Verweerder was daarom bevoegd de bijstand van eiser te herzien naar de gehuwdennorm en de bijstand van eiseres in te trekken en terug te vorderen. De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond en bevestigde de terugvordering en verrekening van de bijstandskosten.
Uitkomst: De beroepen van eisers worden ongegrond verklaard en de herziening, intrekking en terugvordering van de bijstandsuitkeringen worden bevestigd.