Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
uitspraak van de meervoudige kamer van 19 december 2013 in de zaak tussen
[naam], te [plaats], eiser,
de burgemeester van de gemeente Dordrecht, verweerder,
Procesverloop
.Namens derde-partij is niemand verschenen.
Rechtbank Rotterdam
Eiser verzocht op basis van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) om openbaarmaking van diverse documenten met betrekking tot een horeca-inrichting en de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (Wet bibob). Verweerder weigerde openbaarmaking van bepaalde documenten, met name die onder artikel 28 van Pro de Wet bibob vallen, vanwege geheimhoudingsplicht. Daarnaast werden persoonsgegevens en bedrijfsgegevens deels weggelakt ter bescherming van de persoonlijke levenssfeer.
Eiser stelde dat hij anders werd behandeld dan anderen, omdat vergelijkbare informatie aan huurders was verstrekt zonder bescherming van zijn persoonlijke en bedrijfsgegevens. De rechtbank oordeelde dat verweerder ook in zaken van eiser persoonlijke gegevens heeft weggelakt en dat eiser geen onzorgvuldigheid had aangetoond. Bovendien zou een eventuele onzorgvuldigheid bij de bescherming van eisers gegevens niet rechtvaardigen dat verweerder onzorgvuldig omgaat met de bescherming van gegevens van anderen.
De rechtbank concludeerde dat het beroep van eiser niet tot vernietiging van het bestreden besluit kan leiden. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de gedeeltelijke weigering van openbaarmaking wordt ongegrond verklaard.