ECLI:NL:RBROT:2013:BZ2472
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluiten Bpf TEX over weigering vrijstelling pensioenfonds per 1 januari 2010
Eiseressen verzochten Bpf TEX om vrijstelling van deelname aan het bedrijfstakpensioenfonds met ingang van 1 januari 2010. Bpf TEX weigerde deze vrijstelling op grond van artikel 2 van Pro het Vrijstellings- en boetebesluit, stellende dat vrijstelling alleen kan worden verleend vanaf de datum van verplichtstelling per 1 januari 2006. Eiseressen stelden dat zij al vóór de peildatum 2 februari 2006 over een eigen pensioenregeling beschikten en dat door een reglementswijziging van Bpf TEX per 1 januari 2010 een nieuw toetsmoment ontstond.
De rechtbank oordeelde dat Bpf TEX terecht geen vrijstelling kon verlenen op grond van artikel 2 voor Pro een latere datum dan de verplichtstelling, maar dat bijzondere omstandigheden een rol kunnen spelen bij de subsidiaire beoordeling op grond van artikel 6 van Pro het Vrijstellings- en boetebesluit. Omdat Bpf TEX weigerde een inhoudelijk standpunt in te nemen over artikel 6, vernietigde de rechtbank de bestreden besluiten wegens nalaten te beslissen en beval nieuw besluit op bezwaar.
De rechtbank stelde vast dat eiseressen tijdig over een eigen pensioenregeling beschikten en dat Bpf TEX in redelijkheid niet kon weigeren vrijstelling te verlenen per 1 januari 2010 op grond van artikel 6. Tevens werd Bpf TEX veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de besluiten van Bpf TEX en beveelt nieuw besluit op bezwaar met toepassing van artikel 6 Vrijstellingsbesluit.