ECLI:NL:RBROT:2013:BZ7312
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling tot tien jaar gevangenisstraf voor doodslag op levenspartner in eigen woning
Op 25 juni 2012 werd het slachtoffer levenloos aangetroffen in haar woning te Hoogvliet, met meerdere messteken in hals, nek, hoofd, buik, been en handen. De verdachte, haar levenspartner, werd aangehouden en beschuldigd van moord en doodslag. De rechtbank oordeelde dat moord niet bewezen kon worden, maar dat doodslag wettig en overtuigend vaststond.
De verdachte verklaarde dat het slachtoffer hem op 22 juni 2012 had gezegd haar niet meer te willen zien en hem de autosleutels had gegeven. Hij bezocht daarna een shoarmazaak en reed met de auto van het slachtoffer naar kennissen in Breda en Tilburg. Deze verklaring werd door de rechtbank niet geloofwaardig bevonden, mede vanwege contradicties, het ontbreken van een alibi, en het feit dat hij zich na die datum voor de buitenwereld afsloot.
Forensisch bewijs toonde bloedsporen van het slachtoffer in haar auto en woning, en het slachtoffer was hoogstwaarschijnlijk op 22 juni 2012 na 19:31 uur nog in leven. De verdachte had geen aannemelijke verklaring voor de bloedsporen en het plotselinge contactverlies. De rechtbank concludeerde dat de verdachte het slachtoffer met opzet en meerdere messteken heeft gedood. De verdachte werd veroordeeld tot tien jaar gevangenisstraf, rekening houdend met eerdere veroordelingen en persoonlijke omstandigheden.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot tien jaar gevangenisstraf voor doodslag op zijn levenspartner.