ECLI:NL:RBROT:2013:CA2709
Rechtbank Rotterdam
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechter in civiele huurzaak
In een civiele procedure tussen Stichting als eiseres en verzoeker als gedaagde heeft verzoeker de rechter gewraakt nadat deze vroeg om bewijs dat verzoeker geen huurachterstand had. Verzoeker voelde zich hierdoor klemgezet en wilde dat de zaak door een andere rechter of meervoudige kamer werd behandeld.
De wrakingskamer heeft het verzoek behandeld en geoordeeld dat een rechter uit hoofde van zijn functie wordt vermoed onpartijdig te zijn, tenzij er uitzonderlijke omstandigheden zijn die het tegendeel aantonen. De enkele vraag van de rechter om bewijs vormt geen aanwijzing voor subjectieve of objectieve vooringenomenheid.
De kamer concludeert dat het vragen naar bewijs tot de normale taak van de rechter behoort en dat er geen zwaarwegende aanwijzingen zijn voor gebrek aan onpartijdigheid. Daarom wordt het wrakingsverzoek afgewezen.
De beslissing is genomen door een meervoudige kamer van de rechtbank Rotterdam en uitgesproken in een openbare terechtzitting op 11 juni 2013.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter wordt afgewezen wegens gebrek aan gegronde vrees voor vooringenomenheid.