Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
[Naam], te Capelle aan den IJssel, verzoeker,
Procesverloop
Overwegingen
- blijkens een door verzoeker overgelegde huurovereenkomst huurt hij van [A] met ingang van 1 november 2013 de kamers op de tweede verdieping aan [adres 1] (adres 1), met medegebruik van de keuken en de badkamer tegen een huur € 300,- per maand;
- tijdens een huisbezoek aan adres 1 op 12 december 2013 om 09:15 uur door medewerkers van verweerder in het kader van de eerste aanvraag van verzoeker werd opengedaan door [A], gekleed in ondergoed, die verklaarde dat alle spullen in de woning van hem zijn en door verzoeker mogen worden gebruikt; bij dit huisbezoek lag de kleding van verzoeker in een andere kamer dan de getoonde slaapkamer, waarin spullen van [A] stonden;
- tijdens gesprekken op 12 december 2013 en op 13 juni 2014 heeft verzoeker verklaard dat hij de huur nog niet heeft betaald, omdat hij nog geen inkomen heeft, dat [A] de zorgverzekering van verzoeker betaalt, dat verzoeker mee mag eten met [A] in de woning op adres 1 dan wel de woning aan [adres 2] (adres 2), waar [A] zou wonen, dat verzoeker de gedeelten in de woning die hij gebruikt schoon houdt en dat [A] boodschappen voor hem haalt en dat [A] een of twee keer per week langskomt;
- tijdens een gesprek op 20 februari 2014 heeft verzoeker in het kader van tweede aanvraag verklaard niet op adres 1 te wonen, waarop hij in het kader van zijn derde aanvraag is teruggekomen;
- medewerkers van verweerder hebben in de omgeving van de adressen 1 en 2 tussen 15 mei 2014 en 11 juli 2014 waargenomen dat verzoeker gebruik maakt van een scooter waarvan [A] kentekenhouder is, dat de auto van [A] veelvuldig stond geparkeerd in de omgeving van adres 1 en nimmer in de omgeving van adres 2;
- de mede-eigenaar van de woning aan adres 2, [B], heeft op 19 juni 2014 verklaard dat hij alleen in de woning aan het adres 2 woont, dat [A] wel mede-eigenaar is, maar al ongeveer jaar daar niet meer woont en alleen langs komt om zijn post op te halen;
- een buurtbewoner heeft op 15 mei 2014 verklaard dat verzoeker en [A] samenwonen in de woning aan het adres 1;
- op 21 mei 2014 en op 19 juni 2014 hebben medewerkers van verweerder zonder succes pogingen ondernomen om een onaangekondigd huisbezoek te verrichten in de woning aan het adres 1.