ECLI:NL:RBROT:2014:8961
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bestuurlijke boetes voor overtreding rookverbod in horecagelegenheden te Zaandam
Eiseres, exploitant van twee horecagelegenheden in Zaandam, werd beboet wegens herhaalde overtredingen van het rookverbod zoals vastgelegd in artikel 11a, eerste lid, van de Tabakswet. Tijdens controles op 28 oktober 2012 werd vastgesteld dat er in beide lokaliteiten door klanten werd gerookt en dat het personeel niet optrad tegen rokende klanten.
Eiseres voerde aan dat zij voldoende maatregelen had genomen om het rookverbod te handhaven, waaronder het inzetten van een extra floormanager en instructies aan personeel, maar erkende dat het barpersoneel soms niet durfde op te treden vanwege agressie van klanten. De rechtbank oordeelde dat de aanwezigheid van rook en het niet optreden van personeel voldoende bewijs vormden voor de overtredingen en dat eiseres zich niet met succes op overmacht of verminderde verwijtbaarheid kon beroepen.
Daarnaast stelde eiseres dat de boetes onredelijk waren en dat verweerder het gelijkheidsbeginsel had geschonden door haar vaker te controleren dan andere horecagelegenheden. De rechtbank concludeerde dat verweerder steekproefsgewijs ook andere horecagelegenheden had gecontroleerd en dat extra controles na eerdere overtredingen binnen een redelijke beleidsafweging vielen.
Ten slotte oordeelde de rechtbank dat de hoogte van de boetes niet onevenredig was, mede gelet op de financiële situatie van eiseres zoals beoordeeld door verweerder. De beroepen werden daarom ongegrond verklaard en de opgelegde boetes bevestigd.
Uitkomst: De beroepen tegen de bestuurlijke boetes wegens overtreding van het rookverbod worden ongegrond verklaard.