ECLI:NL:RBROT:2014:9645
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte wegens onvoldoende bewijs gooien vuurwerk in stadion
Op 19 november 2014 heeft de rechtbank Rotterdam uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van het gooien van vuurwerk op het veld van Stadion Feijenoord. De officier van justitie eiste een voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 maanden, een taakstraf van 120 uur en een gebieds- en stadionverbod.
Tijdens de terechtzitting op 12 november 2014 is het bewijs en de tenlastelegging besproken. De rechtbank heeft het bewijs beoordeeld, waaronder videobeelden waarop verdachte een gooiende beweging maakt. Hoewel deze beweging verdacht is, achtte de rechtbank dit onvoldoende om wettig en overtuigend bewijs te leveren dat verdachte daadwerkelijk vuurwerk heeft gegooid.
De rechtbank verklaarde het ten laste gelegde niet bewezen en sprak verdachte vrij. De motivering benadrukt dat het ontbreken van direct bewijs van het gooien van vuurwerk leidde tot de vrijspraak. Het vonnis werd gewezen door de meervoudige kamer voor strafzaken onder voorzitterschap van V. Mul.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs voor het gooien van vuurwerk in Stadion Feijenoord.