ECLI:NL:RBROT:2014:9645

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
19 november 2014
Publicatiedatum
27 november 2014
Zaaknummer
10/692127-14
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 141 lid 1 Sr
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak verdachte wegens onvoldoende bewijs gooien vuurwerk in stadion

Op 19 november 2014 heeft de rechtbank Rotterdam uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van het gooien van vuurwerk op het veld van Stadion Feijenoord. De officier van justitie eiste een voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 maanden, een taakstraf van 120 uur en een gebieds- en stadionverbod.

Tijdens de terechtzitting op 12 november 2014 is het bewijs en de tenlastelegging besproken. De rechtbank heeft het bewijs beoordeeld, waaronder videobeelden waarop verdachte een gooiende beweging maakt. Hoewel deze beweging verdacht is, achtte de rechtbank dit onvoldoende om wettig en overtuigend bewijs te leveren dat verdachte daadwerkelijk vuurwerk heeft gegooid.

De rechtbank verklaarde het ten laste gelegde niet bewezen en sprak verdachte vrij. De motivering benadrukt dat het ontbreken van direct bewijs van het gooien van vuurwerk leidde tot de vrijspraak. Het vonnis werd gewezen door de meervoudige kamer voor strafzaken onder voorzitterschap van V. Mul.

Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs voor het gooien van vuurwerk in Stadion Feijenoord.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam
Team straf 1
Parketnummer: 10/692127-14
Datum uitspraak: 19 november 2014
Tegenspraak
Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],
ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie op het adres:
[adres],
raadsman mr. C.J.J. Visser, advocaat te Amsterdam.

ONDERZOEK OP DE TERECHTZITTING

Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 12 november 2014.

TENLASTELEGGING

Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht. Deze bijlage maakt deel uit van dit vonnis.

EIS OFFICIER VAN JUSTITIE

De officier van justitie mr. Th. Slieker heeft gerekwireerd tot:
- bewezenverklaring van het ten laste gelegde;
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 2 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaar, alsmede tot een taakstraf voor de duur van 120 uren, subsidiair 60 dagen vervangende hechtenis;
- oplegging van een vrijheidsbeperkende maatregel zoals bedoeld in artikel 38v van het Wetboek van Strafrecht, inhoudende een gebieds- en stadionverbod met daaraan gekoppeld een meldplicht geldend tot 1 juli 2016 en dadelijk uitvoerbaar;
- als bijzondere voorwaarde bij de voorwaardelijke gevangenisstraf het binnen twee maanden na onherroepelijk worden van het vonnis betalen van een bedrag van € 575,-- aan AFC Ajax.

MOTIVERING VRIJSPRAAK

Op basis van de stukken in het dossier en het verhandelde ter zitting kan niet worden vastgesteld dat de verdachte vuurwerk, dan wel een voorwerp op of richting de tribune of het veld van Stadion Feijenoord heeft gegooid. Dat de verdachte een gooiende beweging heeft gemaakt, zoals op de videobeelden is te zien, is weliswaar verdacht, maar onvoldoende om tot een ander oordeel te komen. Het ten laste gelegde is dan ook niet wettig en overtuigend bewezen, zodat de verdachte daarvan dient te worden vrijgesproken.

BESLISSING

De rechtbank:
verklaart niet bewezen, dat de verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Dit vonnis is gewezen door:
mr. V. Mul, voorzitter,
en mrs. J. van der Groen en J.C.A.M. Los, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. W.A.J.A. Welten, griffier,
en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank op 19 november 2014.
De jongste rechter is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.

TEKST TENLASTELEGGING

Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat
hij op of omstreeks 20 april 2014 te Rotterdam op een voor het publiek
toegankelijke plaats of in een voor het publiek toegankelijke ruimte, te weten
in het Feijenoordstadion ('De Kuip'),
openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen het (op de tribune van dit
stadion aanwezige) meubilair en/of het in dit stadion aanwezige grasveld, welk
geweld bestond uit het (meermalen) afsteken, althans aansteken, van een of
meer stuk(s) (zwaar) vuurwerk en/of (vervolgens) gooien van een of
meer/dit/deze (explosieve/hevige rookvorming veroorzakende) voorwerp(en) op
en/of in de richting van die tribune en/of op en/of in de richting van het in
voornoemd stadion aanwezige grasveld;
art 141 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht