ECLI:NL:RBROT:2015:1174
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens misbruik van recht bij Wob-verzoek
Eiser heeft bij verweerder een Wob-verzoek ingediend om documenten over correspondentie tussen verweerder en eiser en zijn eenmanszaak openbaar te maken. Dit verzoek werd via e-mail aan bijna alle Nederlandse gemeenten gestuurd zonder duidelijk bestuurlijk belang aan te tonen. Verweerder verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk en stelde dat het verzoek niet als besluit in de zin van de Awb kon worden aangemerkt.
De rechtbank oordeelde dat de door eiser overgelegde machtiging voor zijn gemachtigde te ruim was geformuleerd, maar dat uit overige stukken voldoende bleek dat de gemachtigde bevoegd was om eiser te vertegenwoordigen. Vervolgens stelde de rechtbank vast dat eiser de bevoegdheid uit de Wob misbruikte, omdat het verzoek niet was gericht op het verkrijgen van informatie maar op het afdwingen van een dwangsom en proceskostenvergoeding.
Gezien dit misbruik van recht verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en ging niet inhoudelijk op het beroep in. Een proceskostenveroordeling werd niet uitgesproken omdat verweerder geen kosten had opgegeven. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens misbruik van recht door eiser.