ECLI:NL:RBROT:2015:3726
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.J. Klomp
- M.I. Blagrove
- J.P. Kruimel
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde ondergronds station Rotterdam inclusief hal en perrons
Eiseres, eigenaar van het ondergrondse station [a] te Rotterdam, betwist de door verweerder vastgestelde WOZ-waarde van €56.459.000 en stelt een maximale waarde van €3.464.979 voor. De kern van het geschil betreft de objectafbakening en waardering van het station, met name of de Noordhal, Zuidhal en stationshal tot de onroerende zaak behoren en de wijze van waardering.
De rechtbank oordeelt dat eiseres eigenaar is van het gehele station inclusief genoemde hallen, omdat deze onlosmakelijk verbonden zijn met het station en zonder deze hallen het station als onvoltooid moet worden beschouwd. De hallen zijn niet afzonderlijk afsluitbaar en vormen één onroerende zaak volgens artikel 16 Wet Pro WOZ. De waardering is gebaseerd op de gecorrigeerde vervangingswaarde, waarbij verweerder aansluiting zocht bij de bouwkosten van een vergelijkbaar metrostation vanwege het ontbreken van concrete bouwkosten van het station.
De rechtbank vindt de gehanteerde levensduur, restwaarde en grondprijzen aannemelijk en wijst het betoog van eiseres af dat de waarde te hoog is vastgesteld. Ook het verschil met eerdere WOZ-waarden is niet relevant omdat de waarde telkens opnieuw op basis van de actuele feiten wordt vastgesteld. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van het ondergrondse station wordt ongegrond verklaard.