ECLI:NL:RBROT:2015:6923
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontslag op staande voet wegens integriteitsschending en ontbinding arbeidsovereenkomst
De werknemer was sinds 2008 in dienst als zakelijk leider bij welzijnsorganisatie Diverz en was financieel eindverantwoordelijk voor vier locaties. Na signalen over niet-integer handelen startte de werkgever een onderzoek dat leidde tot het ontslag op staande voet wegens onder meer het eigenhandig verhogen van huurprijzen, onregelmatigheden in de bingowinstadministratie en het uitkeren van contante bedragen aan vrijwilligers zonder correcte administratie.
De werknemer betwistte het ontslag en vorderde vernietiging van het ontslag op staande voet en loondoorbetaling. De kantonrechter oordeelde dat de gedragingen van de werknemer een dringende reden vormen voor ontslag op staande voet en dat het ontslag rechtsgeldig is gegeven. Het verzoek tot vernietiging werd afgewezen.
Daarnaast verzocht de werkgever ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens ernstig verwijtbaar handelen. De kantonrechter stelde vast dat de arbeidsovereenkomst op grond van deze redelijke grond ontbonden kan worden met ingang van 1 oktober 2015. De werkgever is geen transitievergoeding verschuldigd en de werknemer moet een gefixeerde schadevergoeding van € 5.974,44 betalen. De werknemer werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet wordt bevestigd en de arbeidsovereenkomst ontbonden met toekenning van een gefixeerde schadevergoeding aan de werkgever.