ECLI:NL:RBROT:2016:1275
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken van procesbelang bij afwijzing AWBZ-zorg
Eiseres, bekend met diverse lichamelijke en psychiatrische aandoeningen, diende op 11 juni 2014 een aanvraag in voor persoonlijke verzorging (PV) en begeleiding (BG) op grond van de AWBZ. Verweerder wees deze aanvraag bij besluit van 14 juli 2014 af en verklaarde het bezwaar ongegrond bij besluit van 13 januari 2015. Eiseres stelde beroep in tegen dit bestreden besluit.
De rechtbank beoordeelde ambtshalve of sprake was van voldoende procesbelang. Gelet op de intrekking van de AWBZ per 1 januari 2015 en de overgangsregeling waarbij aanspraken op PV en BG slechts tot uiterlijk 1 januari 2016 golden, kon eiseres met haar beroep geen zorg meer verkrijgen voor de periode na deze datum. Tevens was niet aannemelijk gemaakt dat zij schade had geleden of dat een inhoudelijk oordeel van belang zou zijn voor toekomstige indicaties, mede omdat andere bestuursorganen bevoegd zijn onder de Wmo 2015 en Zvw.
Daarom concludeerde de rechtbank dat het beroep niet-ontvankelijk was wegens het ontbreken van voldoende procesbelang. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Centrale Raad van Beroep binnen zes weken na verzending.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van voldoende procesbelang.