ECLI:NL:RBROT:2016:2726
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Drie boetes voor overtreding rookverbod in horecagelegenheid bevestigd ondanks betwisting maatregelen werkgever
De rechtbank Rotterdam behandelde drie beroepen van een horecagelegenheid tegen bestuurlijke boetes van elk €4.500 wegens overtreding van artikel 11a, eerste lid, van de Tabakswet. De boetes werden opgelegd na inspecties op 1 maart, 22 maart en 5 juni 2014, waarbij werd vastgesteld dat er in de inrichting werd gerookt terwijl personeel aanwezig was.
Eiseres betwistte de betrouwbaarheid van de inspectierapporten en stelde dat zij voldoende maatregelen had getroffen, zoals huisregels, personeel dat bezoekers aansprak en een luchtafzuiging. Ook voerde zij aan dat de boetes te hoog waren en dat de herhaalde controles in strijd waren met het gelijkheidsbeginsel.
De rechtbank oordeelde dat de vastgestelde overtredingen betrouwbaar waren, dat de maatregelen onvoldoende effectief waren en dat de werkgever gehouden was de resultaatsverplichting na te leven. Het handhavingsbeleid van de NVWA waarbij recidive leidt tot herhaalde controles werd als rechtmatig beoordeeld. De boetes waren conform de wettelijke bepalingen vastgesteld en er was geen sprake van misbruik van bevoegdheid.
De beroepen werden ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De beroepen tegen de drie bestuurlijke boetes wegens overtreding van het rookverbod in de horecagelegenheid worden ongegrond verklaard.