Uitspraak
.Standpunt verdediging
gedeeltelijkonmiddellijk of middellijk van misdrijf afkomstig moet worden aangemerkt. De rechtbank acht geen bijzondere omstandigheden aanwezig, die ertoe zouden nopen het na de vermenging van met het van misdrijf afkomstige geld en de daarop volgende transacties bestaande vermogen dat uiteindelijk aan Stichting [medeverdachte 1] is betaald, desalniettemin niet aan te merken als ‘gedeeltelijk van misdrijf afkomstig’ in de zin van de witwasbepalingen.
Feit 3 (zaaksdossier 8)
- Op 12 juni 2006 is beslag gelegd ten laste van medeverdachte [medeverdachte 12] vanwege een belastingschuld.
- Op 11 juli 2006 is er in het bijzijn van notaris mr. Schils een notariële akte opgemaakt die de overdracht van een mortierorgel door [medeverdachte 12] aan Stichting [medeverdachte 1] regelt. Stichting [medeverdachte 1] werd op dat moment vertegenwoordigd door verdachte [verdachte].
- Op 19 juli 2006 is ten overstaan van een Portugese notaris een koopovereenkomst getekend betrekking hebbende op de verkoop van onroerend goed in Portugal toebehorende aan [medeverdachte 12] en diens echtgenote. De kopende partij is genaamd Stichting [rechtspersoon 10]. Verdachte was naar eigen zeggen op dat moment de eigenaar van deze stichting.
- Op 20 september 2006 is [medeverdachte 12] in staat van faillissement verklaard.
- Op 22 en 23 september 2006 stuurt [medeverdachte 12] enkele faxen aan verdachte met daarin het vonnis van de rechtbank (dat ziet op de faillietverklaring) en krantenartikelen aangaande zijn faillissement.
- Op 2 oktober 2006 tekenen [medeverdachte 12] en diens echtgenote, verdachte en [betrokkene 7] een akte van volmacht. De volmachtgevers kennen [betrokkene 8] bevoegdheden toe met betrekking tot de (ver)koop van Spaans onroerend goed toebehorende aan [medeverdachte 12] en diens echtgenote.
- Op 19 januari 2007 is ten overstaan van [betrokkene 8] door een Spaanse notaris een koopovereenkomst opgemaakt betrekking hebbende op de verkoop van een gedeelte van het Spaans onroerend goed. Verdachte en [betrokkene 7] treden op als kopende partij.
- op 18 januari 2010 is het vennootschapsaandeel in [rechtspersoon 4] c.v. van de beherend vennoot [rechtspersoon 5] B.V. overgedragen aan Stichting [rechtspersoon 13];
- op 2 februari 2010 is het faillissement uitgesproken van [rechtspersoon 5] B.V.;
- op 9 februari 2010 is het vennootschapsaandeel in [rechtspersoon 4] c.v. van de beherend vennoot door Stichting [rechtspersoon 13] overgedragen aan Stichting [rechtspersoon 14];
- in de balansen tot en met 31 december 2008 en de conceptbalans per 31 december 2009 van [rechtspersoon 4] c.v. is het onroerend goed (‘materiële vaste activa’) steeds gewaardeerd op € 2.060.000. Het totaal aan passiva van [rechtspersoon 4] c.v. bedroeg per 31 december 2008 € 2.195.914, bestaande uit: € 1.601.797 vreemd vermogen, € 354.412 eigen vermogen van [rechtspersoon 5] B.V. en € 239.705 eigen vermogen van verdachte;
- uit de Duitstalige (concept-)koopovereenkomst tussen [rechtspersoon 4] c.v. en [rechtspersoon 11] B.V. van 2 september 2009 blijkt dat het onroerend goed van het project Tecklenburg werd gewaardeerd op € 987.500.
ëen/of Duitsland en/of Zwitserland,
(A)
gedeeltelijk- onmiddellijk of middellijk - afkomstig was uit enig misdrijf.
EN
(B)
hebbenverdachte en/of zijn mededader(s) telkens valselijk
sgatkotter) op scheepswerf van [rechtspersoon 6] B.V. te
sgatkotter) tot
teboekstelling als zeeschip vatbaar is,
vandat schip
sgatkotter) en
dat{rechtspersoon 6] B.V.
tdat [medeverdachte 2] B.V. eigenaar is van het schip W. de Vries Lentsch
sgatkotter, terwijl in werkelijkheid [medeverdachte 2] B.V. geen eigenaar is
vandat schip (zijnde De Vries Lentsch kotter) en
sgevonden van
sgatkotter) op scheepswerf van [rechtspersoon 6] B.V. te Waalwijk en op dat genoemd formulier verzocht dat het genoemde schip (zijnde W. De Vries Lentsch Spit
sgatkotter) tot
teboekstelling als zeeschip vatbaar is, terwijl in werkelijkheid [medeverdachte 2] B.V. geen eigenaar is
vandat schip (zijnde W. De Vries Lentsch Spit
sgatkotter) en
dat[rechtspersoon 6] B.V.
tdat [medeverdachte 2] B.V. eigenaar is van het schip W. de Vries Lentsch
sgatkotter, terwijl in werkelijkheid [medeverdachte 2] B.V. geen eigenaar is
vandat
vandat schip (zijnde De Vries Lentsch kotter) en
sgevonden van een
(e
)datum en betaalbedrag terwijl in
datvoornoemde bankverklaring (gedateerd 1 september 2009) afkomstig is van de [rechtspersoon 15] Ltda, terwijl in werkelijkheid die (geld)transactie niet is verricht,
hebbenverdachte en zijn mededaders (telkens) valselijk
vooreen pand gelegen aan de
hebbenverdachte en zijn mededaders telkens valselijk
eenwerknemer (zijnde [betrokken 11]) voor onbepaalde tijd als accountmanager werkzaam was bij een bedrijf (zijnde [rechtspersoon 8] BV) en dat
eenwerknemer (zijnde [betrokkene 11]) een
eenwerknemer (zijnde [betrokkene 11])
eenwerknemer (zijnde [betrokkene
eenwerknemer (zijnde betrokkene 11]) in de periode februari in het jaar 2010
eenwerknemer (zijnde [betrokkene 11]) tot en met de periode februari in het jaar 2010 een
eenwerknemer (zijnde [betrokkene 11]) over de
22februari 2008 tot en met 03 maart 2008
sklaring (van werkgever [rechtspersoon 12] BV), zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen
,valselijk heeft opgemaakt, immers
hebbenverdachte en zijn mededaders valselijk op die werkgever
sklaring (op naam van [rechtspersoon 12] BV en terwijl [rechtspersoon 12] BV geen personeel in dienst had) onjuiste gegevens vermeld (inhoudende onder meer een (fictief) loonverband en een (fictieve) functieomschrijving en een (fictief) salaris),
c.v.,
hebbenverdachte en zijn mededader(s) telkens valselijk
c.v.per 31 december 2005 en 2006 en 2007
7;
haarhoedanigheid van curator in het faillissement van [rechtspersoon 6] BV (gedaagde),
mrM. van de Wetering op de bij de wet voorgeschreven wijze de belofte had afgelegd de gehele waarheid en niets dan de waarheid te zullen zeggen,
trecht en te Zeewolde en te Soest,
datopzettelijk telen hebben gepleegd in de
heeftonttrokken,
hebbenhij, verdachte en zijn mededader enig goed, te weten,
gekochten (vervolgens) de (ver)koopsom van die percelen grond
de voorwerpen kunnen dienentot het begaan of de voorbereiding van soortgelijke feiten…’) is het ontbreken van die wetenschap namelijk geen voorwaarde voor het onttrekken aan het verkeer van voorwerpen.
verklaart onttrokken aan het verkeer: 134 stuks schilderijen en 1 doos administratie
en/of bewerken en/of verwerken en/of verkopen en/of afleveren en/of