ECLI:NL:RBROT:2016:9398
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling tenaamstelling en proceskostenvergoeding bij WOZ-beschikkingen
De rechtbank Rotterdam behandelde drie beroepen tegen WOZ-beschikkingen voor het belastingjaar 2015 betreffende drie onroerende zaken in Rotterdam. De kern van het geschil betrof de vermeende onjuiste tenaamstelling van de bestreden besluiten en de hoogte van de proceskostenvergoeding.
Eiseres stelde dat de besluiten nietig zijn omdat deze waren gericht aan haar oude naam, terwijl zij sinds 2009 een naamswijziging had ondergaan. De rechtbank oordeelde dat de tenaamstelling redelijkerwijs geen misverstand kon oproepen, mede omdat eiseres al bezwaar had gemaakt en de aanslagen en beschikkingen steeds naar de oude naam waren gestuurd zonder onduidelijkheid.
Daarnaast was de hoogte van de proceskostenvergoeding aan de orde. Eiseres voerde aan dat de vergoeding per punt te laag was vastgesteld, maar de rechtbank stelde vast dat de oude tarieven van toepassing waren op de ingediende bezwaarschriften. Beide beroepsgronden faalden, waarna de beroepen ongegrond werden verklaard en geen proceskosten werden toegewezen.
Uitkomst: De beroepen tegen de WOZ-beschikkingen worden ongegrond verklaard en de proceskostenvergoeding blijft ongewijzigd.