Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
uitspraak van de meervoudige kamer van 20 juni 2017 in de zaak tussen
[eiseres] , te Rotterdam, eiseres,
Procesverloop
Overwegingen
moetworden bijgehouden en de naleving van de rusttijden door een tachograaf
kanworden aangetoond, maakt niet dat de gegevens van de tachograaf, als daarop een beroep wordt gedaan, zonder meer buiten beschouwing kunnen worden gelaten. Op andere plaatsen in de regelgeving is er wel een beslissende rol voor de tachograaf weggelegd. In exploitatiewijze A1 is het onder bepaalde voorwaarden bijvoorbeeld buiten de vaartijden toegestaan door te varen, mits een goedwerkende tachograaf aanwezig is (op grond van artikel 3.10 RSP). Niet valt in te zien waarom aan de gegevens van de tachograaf in dit geval geheel geen gewicht toekomt. De toelichting van de toezichthouder is daarvoor onvoldoende. Niet is gebleken dat onderzocht is of de tijd goed stond. Bij een controle had dat kunnen worden vastgesteld. Er zijn door verweerder geen aanwijzingen naar voren gebracht op grond waarvan hij mocht veronderstellen dat de tijdsinstelling onjuist was. Het argument dat de tachograaf bij stilliggen in de stroom ook schroefbewegingen kan registeren, zou in het nadeel van eiseres zijn, omdat dat meer vaartijd oplevert dan daadwerkelijk is gevaren. In dit geval is de stelling van eiseres juist dat minder is gevaren dan is aangetekend in het vaartijdenboek. Dat argument kan dus niet dienen om de gegevens van de tachograaf niet bij de beoordeling te betrekken.
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
- bepaalt dat verweerder binnen zes weken een nieuw besluit neemt op het bezwaarschrift;
- bepaalt dat verweerder aan eiseres het betaalde griffierecht van € 334,- vergoedt;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van € 990,-.