ECLI:NL:RBROT:2018:10113
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken van procesbelang bij toelating derde-belanghebbende
Arriva Personenvervoer Nederland B.V. verzocht ACM om als derde-belanghebbende te worden toegelaten in de bezwaarprocedure van NS tegen een bestuurlijke boete opgelegd door ACM. ACM wees dit verzoek af en verklaarde het bezwaar van Arriva ongegrond. Arriva stelde beroep in tegen dit besluit.
De rechtbank oordeelde dat het procesbelang van Arriva ontbrak omdat de bezwaarprocedure van NS inmiddels was afgerond en niet meer hervat zou worden. Hierdoor kon Arriva niet het gewenste resultaat bereiken en had zij geen feitelijke betekenis bij toelating als derde-belanghebbende.
Ook het argument van Arriva dat ACM onzorgvuldig had gehandeld door haar niet toe te laten tot de bezwaarprocedure, leidde niet tot een ander oordeel. De rechtbank verklaarde het beroep daarom niet-ontvankelijk en ging niet in op de vraag of het besluit van ACM een besluit in de zin van de Awb was. Een proceskostenveroordeling werd niet toegewezen.
Uitkomst: Het beroep van Arriva wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang.