ECLI:NL:RBROT:2018:11462
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit beëindiging ZW-uitkering wegens onvolledige bezwaarprocedure
Eiser was wegens nek- en rugklachten arbeidsongeschikt en ontving een Ziektewet-uitkering. Verweerder beëindigde deze uitkering per 19 juli 2017 op grond van een arbeidsdeskundig en medisch onderzoek dat eiser geschikt achtte voor zijn eigen werk als graveur.
Eiser voerde in bezwaar en beroep aan dat de arbeidsbelasting van zijn functie niet volledig was onderzocht, met name de voorbereidende en onderhoudswerkzaamheden. Verweerder overwoog dit niet adequaat in bezwaar en leverde pas in beroep een aanvullend arbeidsdeskundig rapport.
De rechtbank oordeelt dat hierdoor het karakter van volledige heroverweging in de bezwaarprocedure is geschonden en vernietigt het bestreden besluit. De rechtbank laat echter de rechtsgevolgen van het besluit in stand omdat het aanvullend onderzoek voldoende zorgvuldig is en de conclusie dat eiser geschikt is voor zijn werk kan dragen.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank verweerder tot vergoeding van het betaalde griffierecht en de proceskosten van eiser. Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.