ECLI:NL:RBROT:2018:2586
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.F. Frankruijter
- M.C. Snel-van den Hout
- C.G.E. Prenger
- Rechtspraak.nl
Boeteoplegging wegens niet aanleveren bestuurderskaartgegevens volgens Arbeidstijdenwet
Eiser, een eenmanszaak en vrachtautochauffeur, werd door de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) gecontroleerd op naleving van de Arbeidstijdenwet (Atw). De ILT stelde vast dat eiser niet alle vereiste C-bestanden van zijn bestuurderskaart over november 2015 had aangeleverd, terwijl volgens de M-bestanden wel vervoersactiviteiten plaatsvonden. Hierdoor was toezicht op naleving van de Atw niet mogelijk.
Verweerder legde aan eiser een bestuurlijke boete van €20.500 op wegens overtreding van artikel 4:3, eerste lid, van de Atw. Eiser voerde aan dat hij wel een deugdelijke administratie bijhield en dat hij de bestanden later alsnog kon aanleveren. Ook stelde hij dat de boete onterecht was omdat hij eerst om andere maanden werd gevraagd en dat het slechts om één overtreding ging in plaats van meerdere.
De rechtbank oordeelde dat eiser op de inspectiedatum de gegevens had moeten kunnen aanleveren en dat het niet tijdig beschikbaar hebben van de C-bestanden hem kan worden toegerekend. De boete was terecht opgelegd, ook omdat de overtreding meerdere dagen betrof. De rechtbank vond geen aanleiding tot matiging en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de boete van €20.500 wegens niet aanleveren van bestuurderskaartgegevens wordt ongegrond verklaard.