ECLI:NL:RBROT:2018:3900
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid en onbevoegdheid in bestuursrechtelijk beroep tegen besluit uit 2006
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van 5 december 2006 en tegen het niet tijdig nemen van een nieuw besluit op bezwaar. De rechtbank oordeelt dat zij kennelijk onbevoegd is ten aanzien van het besluit van 5 december 2006, omdat hierover reeds bij uitspraak van 31 juli 2007 is beslist, welke onherroepelijk is geworden doordat geen hoger beroep is ingesteld.
Voor zover het beroep ziet op het niet tijdig nemen van een nieuw besluit op bezwaar, wordt dit beroep niet-ontvankelijk verklaard omdat verweerder reeds bij besluit van 5 december 2006 op het bezwaar heeft beslist. Tevens wordt het beroep als verzoek tot herziening van de uitspraak van 31 juli 2007 op grond van artikel 8:119 Awb Pro niet-ontvankelijk verklaard wegens onredelijke termijnoverschrijding.
De rechtbank verwijst hierbij naar de jurisprudentie van de Hoge Raad van 20 februari 2015 (ECLI:NL:HR:2015:357). Er bestaat geen aanleiding tot proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter J. de Gans op 23 mei 2018.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard en de rechtbank verklaart zich onbevoegd ten aanzien van het besluit van 5 december 2006.