ECLI:NL:RBROT:2018:7312
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsaanvraag wegens onvoldoende inzicht in bedrijfsrekeningen
Eiser heeft op 15 augustus 2017 een aanvraag om bijstand ingediend nadat hij zich had gemeld bij de gemeente Rotterdam. Verweerder heeft de aanvraag afgewezen omdat eiser niet alle gevraagde gegevens, met name bankafschriften van het bedrijf op zijn naam, heeft verstrekt. Eiser stelde dat het bedrijf niet actief was en dat zijn broer de rekeningen privé gebruikte, maar kon dit niet met bewijs onderbouwen.
De rechtbank oordeelt dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij niet over de bankrekeningen van het bedrijf kan beschikken. De stortingen op zijn privérekening afkomstig van het bedrijf en het feit dat hij als eigenaar in het handelsregister staat ingeschreven, leiden tot de conclusie dat hij wel degelijk over deze middelen kan beschikken. Ook het beroep op dringende redenen om terugvordering van een voorschot te voorkomen faalt wegens gebrek aan onderbouwing.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst het verzoek tot terugvordering van het voorschot toe. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken hoger beroep worden ingesteld bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de bijstandsaanvraag wordt ongegrond verklaard.