Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
[naam 2] ( [verzoeker 2] ),beide te [vestigingsplaats] , verzoekers,
Rechtbank Rotterdam
De Stichting Autoriteit Financiële Markten (AFM) had besloten tot openbaarmaking van bestuurlijke boetes opgelegd aan verzoekers wegens overtreding van artikel 4:11 Wft Pro. Verzoekers maakten bezwaar tegen deze besluiten en verzochten de voorzieningenrechter om voorlopige voorzieningen, waaronder schorsing van de publicatie.
De rechtbank oordeelde dat het wettelijke publicatieregime van artikel 1:98 Wft Pro van toepassing is en dat volledige openbaarmaking van de boetebesluiten gerechtvaardigd is, omdat geen bijzondere omstandigheden zijn aangetoond die een geanonimiseerde publicatie rechtvaardigen. Het belang van AFM bij transparantie en marktwaarschuwing weegt zwaarder dan de door verzoekers aangevoerde reputatieschade.
Verzoekers mochten wel verzoeken om aanpassing van de persberichten. De voorzieningenrechter oordeelde dat de naam van verzoeker 2 niet uit het persbericht mag worden verwijderd en wees het verzoek tot marginalisering af. Wel werd toegestaan het woord 'illegaal' in het persbericht aan te passen.
De voorzieningenrechter wees de verzoeken om schorsing van de publicatie af, behalve voor de aanpassing van de persberichten. AFM werd veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten van verzoekers.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek om voorlopige voorziening gedeeltelijk toe door aanpassing van persberichten en wijst het overige verzoek af.