ECLI:NL:RBROT:2018:8301
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening intrekking bijstandsuitkering wegens niet verschijnen gesprek
Verzoekster ontving een bijstandsuitkering die door verweerder op grond van de Participatiewet per 1 augustus 2018 werd ingetrokken vanwege het niet verschijnen op een gesprek en het niet aanleveren van gevraagde financiële documenten.
Verzoekster was uitgenodigd voor gesprekken op 1 en 6 augustus 2018, maar verscheen niet en leverde geen stukken aan. Verweerder had het recht de uitkering op te schorten en vervolgens in te trekken als de gevraagde informatie niet binnen de hersteltermijn werd verstrekt.
Verzoekster voerde aan dat zij door werkzaamheden rondom haar woning de post niet ontving en dat verweerder haar telefonisch had moeten benaderen. De rechtbank oordeelde dat verweerder aannemelijk had gemaakt dat de brieven correct waren bezorgd, ondanks een volle brievenbus, en dat het aan verweerder is om te bepalen hoe uitnodigingen worden gedaan.
De rechtbank concludeerde dat het intrekkingsbesluit rechtmatig en redelijk was genomen, waarbij de belangen van verzoekster voldoende waren meegewogen. Het verzoek om voorlopige voorziening werd daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de intrekking van de bijstandsuitkering wordt afgewezen.