Op 14 januari 2018 mishandelde verdachte zijn zwager door hem meerdere malen te slaan en te duwen, waardoor het slachtoffer ten val kwam en pijn leed, maar zwaar lichamelijk letsel kon niet worden vastgesteld.
Daarnaast vernielde verdachte opzettelijk een televisie die toebehoorde aan zijn zus en bedreigde hij meerdere personen met woorden als 'Ik ga jullie allemaal afmaken'. De bedreigingen waren van dien aard dat zij in redelijkheid vrees voor het leven konden opwekken.
De rechtbank achtte de mishandeling, vernieling en bedreiging wettig en overtuigend bewezen. Verdachte werd vrijgesproken van het ten laste gelegde zwaar lichamelijk letsel. Gezien de ernst van de feiten, eerdere veroordelingen en het reclasseringsrapport, legde de rechtbank een gevangenisstraf van één maand op, lager dan de eis van twee maanden, zonder voorwaardelijk strafgedeelte.
De straf houdt rekening met de agressieve gedragingen van verdachte en de impact op de slachtoffers. De tijd in voorlopige hechtenis wordt op de straf in mindering gebracht. De rechtbank sprak verdachte vrij van overige tenlastegelegde feiten die niet bewezen konden worden.