Media Markt weigerde een restantbonus van €25.000,- uit te keren aan de werknemer, die vanwege ziekte en het vervallen van haar functie geen bijdrage had geleverd aan de bedrijfsresultaten. De werknemer stelde dat zij recht had op de bonus omdat aan de in de bonusbrief gestelde voorwaarden was voldaan: het behalen van het EBIT-resultaat en het in dienst zijn op 31 december 2018.
De kantonrechter oordeelde dat de bonusbrief de criteria duidelijk had vastgesteld en dat de bonus niet afhankelijk was gesteld van een individuele bijdrage. Het standpunt van Media Markt dat de werknemer geen bonuswaardige bijdrage had geleverd, werd verworpen omdat dit niet als voorwaarde was opgenomen. Ook het hypothetische scenario dat de arbeidsovereenkomst zonder ziekte eerder zou zijn geëindigd, gaf geen grond voor afwijzing.
De kantonrechter kende de resterende bonus van €25.000,- toe, matigde de wettelijke verhoging tot 25% (€6.250,-) vanwege het principiële geschil en kende wettelijke rente toe vanaf 4 februari 2019. Media Markt werd veroordeeld in de proceskosten.