ECLI:NL:RBROT:2019:7014
Rechtbank Rotterdam
- Wraking
- J.J. van den Berg
- J.F. Koekebakker
- W.J. Roos - van Toor
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid wrakingsverzoek tegen rechters familierechtelijke procedures
Verzoekster heeft bij de rechtbank Rotterdam een wrakingsverzoek ingediend tegen drie rechters van het familierechtteam, stellende dat deze rechters partijdig zouden zijn en vooroordelen zouden hebben jegens personen van niet-Nederlandse komaf. Het wrakingsverzoek was gebaseerd op diverse gedragingen van de rechters, waaronder vermeende sturende handelingen en vooringenomenheid.
De rechtbank heeft het wrakingsverzoek inhoudelijk behandeld, maar geoordeeld dat de gronden te veelomvattend en onvoldoende concreet waren en niet tijdig waren ingediend conform artikel 37 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. Aanvullende onderbouwingen die verzoekster tijdens de zitting aanvoerde, werden buiten beschouwing gelaten omdat deze niet tijdig waren ingediend.
Daarnaast heeft verzoekster verzocht om verwijzing van de procedure naar een andere rechtbank, wat door de wrakingskamer is afgewezen wegens gebrek aan bevoegdheid en het ontbreken van feiten die een afwijking van het uitgangspunt rechtvaardigen.
De rechtbank verklaart het wrakingsverzoek niet-ontvankelijk en wijst het verzoek tot verwijzing naar een andere rechtbank af. Hiermee blijft de behandeling van de familierechtelijke procedures bij de oorspronkelijke rechters. De beslissing is uitgesproken tijdens een openbare zitting op 8 juli 2019.
Uitkomst: Wrakingsverzoek niet-ontvankelijk verklaard en verzoek tot verwijzing naar andere rechtbank afgewezen.