ECLI:NL:RBROT:2020:1690
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.G.L. de Vette
- H. Bedee
- I.S. Vreken-Westra
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens motiveringsgebrek bij afwijzing Wajong-uitkering
Eiser, geboren in 1997 en bekend met lichamelijke en psychische klachten, diende een aanvraag in voor een Wajong-uitkering die door verweerder werd afgewezen. Na bezwaar en beroep werd het bestreden besluit gehandhaafd, waarop eiser opnieuw beroep instelde bij de rechtbank Rotterdam.
De rechtbank onderzocht of het ontbreken van arbeidsvermogen van eiser duurzaam is, waarbij verweerder stelde dat behandeling nog mogelijkheden tot ontwikkeling biedt. Medische rapportages gaven aan dat eiser niet duurzaam arbeidsongeschikt is omdat multidisciplinaire behandeling en optimalisatie van externe factoren nog niet volledig zijn benut.
Eiser voerde aan dat hij uitbehandeld is en dat verdere behandeling niet noodzakelijk of mogelijk is. De rechtbank oordeelde dat verweerder pas na het instellen van beroep voldoende gemotiveerd heeft welke behandelingen nog mogelijk zijn en welk resultaat daarvan verwacht kan worden, waardoor het bestreden besluit een motiveringsgebrek vertoont.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit, maar bepaalde dat de rechtsgevolgen daarvan in stand blijven. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht en de proceskosten van eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard wegens motiveringsgebrek en het bestreden besluit wordt vernietigd, met instandhouding van de rechtsgevolgen.