ECLI:NL:RBROT:2020:2255
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.S. Flikweert
- M.G.L. de Vette
- S. Veling
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verdeelmodel 2017 Participatiewet en toereikendheid budget gemeenten
De gemeente Rotterdam stelde beroep in tegen het besluit van de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid waarin het verdeelmodel 2017 voor de Participatiewet werd toegepast voor de verdeling van het budget voor 2017. Rotterdam betoogde dat het verdeelmodel onvoldoende rekening houdt met de kosten van de uitvoering van de bijstandstaak, met name vanwege het ontbreken van een prijscomponent en een objectieve factor voor de centrumfunctie.
De rechtbank overwoog dat het verdeelmodel 2017 zorgvuldig tot stand is gekomen, mede in overleg met gemeenten en deskundigen, en dat de Centrale Raad van Beroep eerder heeft geoordeeld dat het model als zodanig toetsing kan doorstaan. De rechtbank verwierp het standpunt dat het Rijk alle kosten van gemeenten moet dekken en dat het macrobudget ontoereikend was, aangezien dit laatste onderdeel is van de begrotingswetgeving waar de bestuursrechter niet op mag toetsen.
Verder concludeerde de rechtbank dat Rotterdam onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat het verdeelmodel 2017 tot een onevenredig nadeel heeft geleid. De vangnetregeling bood bovendien een gedeeltelijke compensatie. Er was geen sprake van strijd met het evenredigheidsbeginsel of andere rechtsbeginselen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van de gemeente Rotterdam tegen het verdeelmodel 2017 Participatiewet wordt ongegrond verklaard.