ECLI:NL:RBROT:2020:2800
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluiten intrekking boetes wegens onbevoegdheid bestuursorgaan
De zaak betreft twee boetebesluiten opgelegd aan Finitro International B.V. wegens overtredingen van de Geneesmiddelenwet. Na bezwaar verklaarde de Minister voor Medische Zorg de bezwaren deels gegrond en deels ongegrond bij het besluit van 13 juli 2018. Vervolgens trok de Minister dit besluit in twee afzonderlijke besluiten in oktober en november 2018 en nam een herziene beslissing op bezwaar.
Finitro International B.V. stelde dat de Minister niet bevoegd was om het besluit van 13 juli 2018 in te trekken, omdat dit besluit positief voor haar was en geen wettelijke grondslag voor intrekking bestond. De rechtbank oordeelde dat de besluiten van oktober en november 2018 samen één heroverwogen besluit vormen, maar dat de Minister niet bevoegd was om terug te komen op het besluit van 13 juli 2018. Dit omdat het besluit niet onjuist was en Finitro niet redelijkerwijs had kunnen verwachten dat het zou worden ingetrokken.
De rechtbank vernietigde daarom de intrekkingsbesluiten en bepaalde dat het besluit van 13 juli 2018 rechtens geldt. Daarnaast werd de Minister veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten van Finitro International B.V.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de intrekkingsbesluiten en bevestigt het besluit van 13 juli 2018.