ECLI:NL:RBROT:2020:2803
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag rijbewijs wegens onvoldoende verblijf in Nederland
Eiser diende een aanvraag in voor een Nederlands rijbewijs als persoon zonder vaste woon- of verblijfplaats. De RDW wees de aanvraag af omdat eiser niet voldeed aan de eis van minimaal 185 dagen verblijf in Nederland in het jaar voorafgaand aan de aanvraag.
Eiser stelde dat hij sinds 2006 op een schip in Dordrecht woont en overlegde diverse bewijsstukken, waaronder een getuigenverklaring en bewijs van lidmaatschap van een vereniging. De RDW vond deze onvoldoende om de vereiste verblijfduur aan te tonen en handhaafde het besluit.
De rechtbank oordeelde dat eiser niet staat ingeschreven in de Basisregistratie Personen en onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij ten minste 185 dagen per kalenderjaar in Nederland verblijft. De aanvullende documenten die na het bestreden besluit zijn ingediend, konden niet in aanmerking worden genomen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
De rechtbank wees een proceskostenveroordeling af en wees op de mogelijkheid tot hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag voor een rijbewijs wordt ongegrond verklaard omdat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij minimaal 185 dagen per jaar in Nederland verblijft.