ECLI:NL:RBROT:2020:4798
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Verlening zorgmachtiging op grond van Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg wegens risico op psychotische decompensatie
De officier van justitie verzocht de rechtbank Rotterdam om een zorgmachtiging te verlenen voor betrokkene, die lijdt aan een schizo-affectieve stoornis van het bipolaire type en een stoornis in middelengebruik. Betrokkene woont in een beschermde woonvorm en is momenteel redelijk stabiel en abstinent, maar wisselt binnenkort van medicatie, wat een verhoogd risico op manisch psychotische decompensatie met zich meebrengt.
De rechtbank heeft op 18 mei 2020 de mondelinge behandeling gevoerd, waarbij betrokkene, zijn advocaat en de behandelend psychiater telefonisch werden gehoord vanwege COVID-19 maatregelen. Uit de medische verklaring en het zorgplan blijkt dat betrokkene bij een decompensatie onvoldoende ziektebesef en ziekte-inzicht heeft en vrijwillige behandeling zal weigeren, wat leidt tot ernstig nadeel zoals agressie, slaaptekort en psychotische klachten.
De rechtbank oordeelt dat aan de wettelijke criteria voor verplichte zorg is voldaan: er zijn geen minder bezwarende alternatieven, de zorg is evenredig en naar verwachting effectief. De zorgmachtiging omvat het toedienen van medicatie als reguliere verplichte zorg en in crisissituaties het beperken van bewegingsvrijheid, insluiting en opname in een accommodatie. De machtiging geldt voor zes maanden tot 18 november 2020.
De rechtbank benadrukt dat bij vrijheidsbeneming een onafhankelijk psychiatrisch onderzoek vereist is, conform het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor zes maanden vanwege het risico op psychotische decompensatie en de noodzaak van verplichte zorg bij weigering van vrijwillige behandeling.