ECLI:NL:RBROT:2020:6617
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek schuldsaneringsregeling wegens gebrek aan goede trouw en onvoldoende beheersing psychosociale problemen
Verzoeker heeft een verzoek ingediend tot toepassing van de schuldsaneringsregeling wegens een schuldenlast van ruim €57.000, waaronder belastingschulden en boetes. De rechtbank beoordeelde of verzoeker te goeder trouw was ten aanzien van het ontstaan en onbetaald laten van deze schulden in de vijf jaar voorafgaand aan het verzoek.
De rechtbank constateerde dat verschillende schulden, zoals verkeersboetes, fraudeschulden bij de gemeente en belastingschulden, niet te goeder trouw zijn ontstaan. Verzoeker had onder andere geen aangifte omzetbelasting gedaan en geen belastingen afgedragen, ondanks zijn verantwoordelijkheid om de Belastingdienst juist te informeren. Tevens was niet aannemelijk gemaakt dat psychosociale problemen van verzoeker onder controle zijn, aangezien een behandeling nog niet was gestart.
Gezien het ontbreken van goede trouw en de onzekerheid over het nakomen van verplichtingen uit de schuldsaneringsregeling, concludeerde de rechtbank dat toelating niet gerechtvaardigd is. Het verzoek werd daarom afgewezen. De uitspraak werd gedaan door rechter M. Aukema op 13 juli 2020.
Uitkomst: Het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens het ontbreken van goede trouw en onvoldoende beheersing van psychosociale problemen.